commissie cultuur

WERKPLAN EN TIMING
“theatraliteit als een pre-esthetisch instinct”

Het plan is om de beurs van 2 jaar op te delen in 4 x 6 maanden.

Tijdens die vooropgeplaatste periode van 6 maanden zal wel telkens binnen de verschillende overschrijdende disciplines worden gewerkt met de bedoeling dat er meer en meer cross over is: foto’s, sculpturen, theatrale installatie, video, en de uiteindelijke combinatie van dit alles tot één ‘wereld van intensiteit’. Werken met licht en sound, plaatsing in een welbepaalde opstelling en omgaan met de toeschouwer, zijn elementen uit mijn theaterevaring die hierin een plaats zouden moeten krijgen.


De insteek van deze pagina:

Ik tracht met fotomateriaal van eigen recent werk een beeld te schetsen van de richting in dewelke het toekomstige werk kan evolueren.

Tekstueel geef ik een erg schetsmatig beeld van mijn moodboard weer (materialen, thema’s, startpunt).

Philoktet, rotsachtige figuur, gelaat, verwijzend naar natuursteen, gemaakt uit kippengaas, polyurethaan, verf, pigment, vernis (2019)

Eerste periode : juli – dec 2019

Er wordt op dezelfde manier als het het vorige Philoktet-project gewerkt met als overkoepelend thema en werktitel ‘Metamorfosen’ en vertrekt vanuit het creëren van sculpturen. Extra thema’s en materialen zijn: mummies, voodoo, maskers, was, klei, polyurethaan, jutte, touw, leer, nagels, hout …
Dit uitbreiden naar abstracte landschappen, zand, rotsformaties, koralen, rollende golven (ook in fotografie), eb/vloed, bas-reliëfs, stof spelend in de wind in dialoog met licht (installatie), water (foto) en de gebeeldhouwde figuren. Hier is het menselijk lichaam niet het vertrekpunt, wel de natuur.

Philoktet 2, staal, kippengaas, polyurethaan, verf, pigmenten, vernis. (2019
foto koraal, link met beeldend werk/ verdiepen in meerdere materialen
koraal ter inspiratie van vorm, structuur en kleur
voorbeeld van experiment met stof, licht, ventilator en kleurenfilters voor een decorontwerp van eigen voorstelling uit 2014 om bewegend water te suggereren. Dit verder uitwerken naar op zichzelf staande installaties.

Tweede periode: jan – juni ’20

vertrekkend vanuit fotografie met opgedane ervaring uit vorig onderzoek: het lichaam in gevecht met natuur, er in opgaand, versmeltend, (I thought I could fight nature, werktitel). Onderzoeken hoe dit visueel te maken; niet letterlijk uitbeeldend, maar als interpretatie.
Lichaam (lichamen) Aarde/Water/Klei/Ijs/Takken/Mos/Zand/Wind/Echo.

Verder onderzoeken naar mogelijke ondergronden om beelden op te printen (verschillende soorten stoffen, karton, verscheuren van prints op papier en terug samenstellen op andere achtergrond), combineren met verf, resin, plaaster, was, hars, polyester, glas.

zonder titel; een lichaam, wegzakkend in water, 2019
beeld uit ‘Erlkönig’ (2019). Vertrekpunt is het gedicht van Goethe over een kind dat de dood, de Erlkönig, voelt naderen.

Derde periode: juli – dec ’20:

werken in de sfeer van eerder Bogmanproject (2019) (Bogman = veenman). Een veenlijk is een in het hoogveen gevonden overblijfsel van een prehistorisch menselijk lichaam. Door de conserverende werking van het veen en de zure omgeving zijn deze lijken gemummificeerd en in betrekkelijk goede staat gebleven. Vroeger dacht men dat het om mensen ging die in het moeras waren verdwaald, tegenwoordig neemt men aan dat sommige personen werden geofferd. Het Veenland zijn moerasgebieden en verlenen dat platte, naargeestige landschap een rijke, broeierige atmosfeer. Dit is een plek waar dieren en mensen samensmelten, waar vreemde metamorfosen plaatsvinden, waar mythe en donkere magie zich nog ophouden.

Een verder uitdiepen van deze thema’s gaat uit richting rariteitenkabinet, opgezette dieren, verschrompelde lichaamsdelen. Geen transformatie van leven naar ander leven maar van leven naar dood. Onderzoek naar balsemen van lijken (fotografie), dodenmaskers, gelaatsexpressie, verrotting.

vertrekkend vanuit zowel foto als sculpturen

Bogman #1 en #2 (2018), bruine was, witte was, verf, resin

3 beelden uit ‘SnabbReferenz’, 2018

beeld uit SSShhht, 2018

Vierde periode : jan – juni ’21: BEELDBESCHRIJVING

Hier is het vertrekpunt de tekst ‘Beeldbeschrijving’ van Heiner Müller, waarbij na het schetsen van een algemeen vredig natuurbeeld ingezoomd wordt, stap per stap, en uiteindelijk gefocust wordt op een detail dat de dood in zich draagt.

mixed media, de installatie ‘Caviglia mia’ (2019) waarbij geboorte en sterfelijkheid gelinkt worden aan een in was verpakt kinderziekenbed en gebroken botten.
 

De 6-maandelijke periodes die ik hier aanhaal zijn uiteindelijk telkens een verdieping van soortgelijke fascinaties, maar steeds vertrekkend vanuit een andere beginfocus, in een poging een wereld te creëren die teruggaat naar een esthetiek die niets te maken heeft met hedendaagse politiek, maatschappij, economie of mode, maar tracht dieper te focussen op lichamelijkheid, emotie, instinct, natuur, geweld, dood. Dit om op een niet rationele manier een vorm van theatraliteit te creëren die niets met theater te maken heeft, maar met diepmenselijke, dierlijke, natuurfenomenale impressies, die rechtstreeks onze ‘guts’ aanspreken, steeds toegepast met oog voor visual poetry. Voor deze ‘wereld van intensiteit’ laat ik me inspireren door mythologie, zowel de Griekse als de Germaanse en de Keltische. Theater en poëzie blijven een belangrijke inspiratie.